header_21.jpg

Ritverslag - MCG Weekend 2016

MCG Weekend weg - 2016

Een van de mooiste evenementen van MCG vind ik, en met mij vele anderen, het jaarlijkse weekendje weg. Dit jaar hadden we er genoeg kilometers voor moeten maken om op de plaats van bestemming te komen: Hotel Kupper in Eppenbrunn. Met een aantal omleidingen kwam de heenreis op een 400 km uit. Een behoorlijk pittige rit, qua afstand maar ook qua tijdsduur.

Verzameld werd bij Jan en Lucie rond de klok van 9.30u vrijdags en om 10u was iedereen zo ver om de heenreis te aanvaarden. Voor vertrek was er nog tijd voor een kop koffie en ik had het geluk om op een van de voorvaderen van mijn motor te mogen rijden; de BMW R 75 uit 1973 van Linda. Het rijdt natuurlijk ietwat Spartaans in vergelijking met de huidige motoren, dus voor Linda werd het nog een harde werkdag.

Vol goede moed vertrokken Jan, Lucie, John, Ans, Peter, Linda en Astrid bij Ray achterop, uitgezwaaid door onze voorzitter Marc in hoogsteigen persoon.

Gerrit zou later vertrekken omdat hij ’s morgens nog moest werken, Emmelie, Elena en Ron zouden met de auto nakomen.

Om niet meteen alles binnendoor te rijden werd besloten om het eerste stuk tot voorbij Aken over de snelweg te rijden. Eenmaal op de Duitse hoofdwegen werd al rap de eerste stop gemaakt, voor een peuk, plasstop, drinken en/of een versnapering. Voor Peter kwam daar nog iets bij, sleutelwerk. In eerste instantie waren we nog hoopvol op volledig herstel, maar na twee pogingen om de motor te starten hebben we de motor toch maar aangeduwd, zodat Peter  naar Dutch Hills in Kerkrade kon rijden om zijn motor te laten nakijken/herstellen. Aangezien dit niet stante pede uitgevoerd kon worden heeft Peter het kunnen regelen om een huur-Harley  te krijgen om toch het weekend met ons mee te rijden. Nu kwam het ook nog goed uit dat Gerrit later zou vertrekken en afgesproken werd dat Gerrit naar Kerkrade zou rijden, zodat hij samen met Peter naar ons vakantieadres af kon reizen. Zo kennen we Gerrit, altijd bereid om iemand de helpende hand toe te steken.

Het was nogal benauwd die dag, klam, warm, plakkerig. En degene die daar het meeste last van had was Jan die het nodig vond om in zijn winterpak voorop te rijden…..

Na weer de nodige kilometers te hebben gereden werd de  volgende stop gemaakt en deze was best bijzonder. Ans stak te voet de weg over de bossages in voor een plasje, Peter ging met zijn closet-rol aan deze kant van de weg de bosjes in om zijn behoefte te doen. Na 7½ minuut kwam Ans zichtbaar opgelucht terug en riep: wat een prachtige bos is het hier. Na 10¾ minuut kwam ook Peter 3 kilo’s lichter uit het bos gewandeld en riep: wat een prachtige bos is het hier. Het vermoeden bestaat dat beiden gezellig  op 1 m²  naast elkaar hebben gezeten, maar concrete bewijzen hebben we daar niet van.

We konden wel merken dat het al warmer begon te worden. En degene die daar het meeste last van had was Jan die het nodig vond om in zijn winterpak voorop te rijden.

Gelukkig hielden we het de hele heenreis wel droog, al doemde af en toe wel een donkere wolk op.

En het moet wederom weer gezegd worden, onze toercommisaris had weer een mooie rit uitgestippeld tot aan onze eindbestemming, alhoewel ik het vermoeden had dat Jan niet echt bezig was om van het mooie uitzicht te genieten, volgens mij had hij het nogal warm.

Toen we de 300 km grens hadden gepasseerd begon de lange zit bij de meesten parten te spelen, je zag  dat iedereen rechtop ging zitten, de benen losgooide, af en toe ging staan. Alleen Jan bleef in het zadel zitten om zo weinig mogelijk extra energie te verbruiken omdat hij het nogal warm had. Hij had namelijk een winterpak aan, op advies van Lucie en volgzaam als Jan is, volgt hij altijd de goede raad van zijn vrouw op.

Ans begon ook al te knoteren en had een flauw vermoeden dat we in rondjes aan het cirkelen waren, maar dat was niet zo. Toch bedacht Jan een oplossing om niet de lengte van de rit te verkorten, maar wel de tijdsduur met een half uur te laten slinken door over de snelweg te gaan rijden. Natuurlijk was dat ook een beetje eigenbelang, want het zweet liep hem inmiddels over de rug, tussen de batsen door, zo de motorlaarzen in, iedereen kon het horen klotsen. Tja, dat krijg je ervan als je met zulke temperaturen een winterpak aan trekt. Uiteindelijk zijn we dan toch moe maar voldaan aanbeland bij Hotel Kupper, waar we gastvrij ontvangen werden. Mooi hotel, nette kamers, prima eten, meer heb je niet nodig, toch?  Voor het avondeten was iedereen aanwezig, inclusief Emmelie, Ron, Elena, Gerrit en Peter. ’s Avonds zijn we dan nog in de Biergarten gaan zitten, waar de rit van die dag nog eens doorgenomen werd. Behalve bier en wijn werd er ook  nog proemesjnaps gedronken, zeer gevaarlijk spul. Het viel op dat het die avond niet laat werd in vergelijking met de avonden bij Pinnochio.

De volgende dag op tijd op om te ontbijten, want het was afgesproken dat we om 10u aan de zaterdagrit zouden beginnen. Linda was die nacht nog behoorlijk ziek geweest, een migraineaanval. Dus Peter stond midden in de nacht bij Jan en Lucie op de deur te bonken, want het is bekend dat Lucie de rijdende apotheek van MCG is. In de topkoffer van Lucie zit zoveel medisch materiaal, dat menig dokterspraktijk daar jaloers op is. Behalve medicijnen zit er ook een opblaasbare operatietent in de topkoffer en het deksel kan zelfs dienen als landingsplaats voor een helikopter van de ADAC met medisch team, als dat nodig zou zijn. Linda was dan wel nog zodanig opgeknapt dat ze bij Jan achterop kon zitten. Peter reed die dag op de motor van Linda en het beeld dat er bij ontstond was dat hij zo uit een stripboek van Joe Bar gestapt kon zijn, maar kon het tempo die dag probleemloos bijhouden. De route van die dag was geweldig, uit de drie routes die we voor het uitzoeken hadden, werd gekozen voor de route door de Noord Vogezen, Col du Donon in Frankrijk. Het tempo was lekker rustig, zodat iedereen ook van het uitzicht kon genieten. Soms waren de wegen een beetje verraderlijk door natte weggedeelten. Ans, Linda, Lucie en Astrid hadden er een sport van gemaakt wie het vaakst kon plassen in de buitenlucht, liefst naast elkaar, want dat was veel gezelliger. Iets verderop stroomde een beekje dat kabbelend zijn weg bergaf door het bos zocht. Maar toen de dames even later klaar waren, was het rustige beekje veranderd in een woeste rivier, die nu zelfs terug bergop stroomde! Tegen zoveel geweld is zelfs de natuur niet opgewassen. Het kwam zo vaak voor dat we moesten stoppen voor onze MCG-ladies dat het vermoeden bestond dat ze stiekem met de telefoon het bos in renden om pokemons op te sporen. Rond het middaguur zijn we bij een eetcafeetje gestopt waar we bediend werden door een vriendelijke uitbaatster. Als je het interieur van dit café bekeek ging je 40-50 jaar terug in de tijd, maar alles was prima geconserveerd. In de tussentijd dat wij onderweg waren, hebben Emmelie, Elena en Ron zich ook prima vermaakt. Emmelie en Elena zijn gaan zwemmen in het zwembad waarover het hotel beschikte. Nadien zijn de dames nog naar de sauna gegaan, maar moesten al snel vluchten omdat er een invasie was met blote 65+ mannen. Later is het drietal naar een bunker gereden, die ingericht was als oorlogsmuseum. Elena is nog naar een kapel geweest waar haar gebeden verhoord werden….Ze kon later die dag, toen de motorrijders terug waren bij Jan achterop. Voor Elena was het de allereerste keer dat ze op een motor zat en dan ook nog bij een topmotard als Jan. Jan meende dat hij het warm kreeg omdat Elena bij hem achterop zat, maar nee, hij had zijn winterpak nog aan, vandaar. De ontmaagding op de motor van Elena moest natuurlijk wel vastgelegd worden en omdat mijn GoPro leeg was is Ron bij me achterop gekropen om te filmen met een camera. Dat was op zich ook nog knap, want hij moest met 1 hand de camera bedienen en met de andere hand probeerde hij mij in een innige omstrengeling vast te houden. Elena heeft alleen zitten giechelen en wil vaker achterop, dus in dat opzicht hebben we ook een doel bereikt.

’s Avonds aan de eettafel had iedereen al wat meer praatjes dan de dag daarvoor. Ans moet na een operatie aan haar kaak het eten door de blender gemalen eten. Er zijn twee stalen pinnen in de kaak geschroefd waar later een gebit op gemonteerd wordt. Meteen deed ze uit de doeken, in geuren en kleuren, wat je allemaal met die twee pinnetjes kunt…..John knikte bevestigend en zijn pretoogjes verraadden zijn gedachten en die van ons ook meteen. Het viel iemand op (weet effe niet meer wie) dat alle kale (mannen) aan 1 kant van de tafel zaten. Linda zat aan dezelfde kant van de tafel als de kalen onder ons, dus ik vroeg haar beleefd of ze wel aan de juiste kant van de tafel zat omdat aan deze zijde iedereen kaal is. Zonder blikken of blozen, zonder na te denken en zonder ook maar weg te kijken van haar telefoon waar ze op dat moment mee bezig was antwoordde Linda: YOW……!!!!

Nog meer intieme details: Bij hotel Kupper was het ook mogelijk om zich te laten masseren, zelfs een chocolademassage stond op het programma. Elena kon zich bij de gedachte al niet meer inhouden en droomt van een chocolademassage om daarna helemaal afgelikt te worden. Bij het uitspreken van die woorden besefte ze volgens mij wat ze gezegd had, en weg was het imago van braaf Oekraïns meisje. ’s Avonds zijn we dan nog in de Biergarten gaan zitten om elkaar sterke verhalen te vertellen, maar echt laat werd het wederom niet.

De volgende morgen weer op tijd op om te ontbijten. Gerrit had zich nog niet helemaal aangekleed en bij het dichtmaken van zijn broek, was te zien dat hij een gifgroene onderbroek droeg, de huiskleuren van Kawasaki, de liefde voor zijn Kawa gaat ver!

Na het ontbijt werden de koffers van de motoren weer volgestouwd en werd de bagagerol van Linda op de motor van Jan vastgebonden, later hierover meer. Voor ons vertrek hebben we nog afscheid genomen van de gastvrouw en Emmelie, Elena en Ron, daarna kon de rit huiswaarts beginnen met Jan, in winterpak voorop. Een aantal jaren geleden hadden we veel problemen gehad met een familie die lid was van onze club, maar tijdens onze terugrit hebben we pas echt veel gezeik gehad. Wederom waren het de dames die de bosjes opzochten en met veel gekakel gehurkt uit het zicht of in het zicht gingen zitten. Eén keer stoof John al toeterend, met Ans achterop naar voren, Ans, zwaaiend met armen en benen en wild gebaren makend. Jan keek in de spiegel en zag dat Astrid en ik niet achter de groep aanreden en dacht meteen dat er iets gebeurd was en stopte meteen. John ging ook voluit in de ankers en Ans sprong snel edoch soepel van de motor en had de motorbroek al op de enkels nog voordat ze bij de struiken was. Solidair als de andere dames zijn gingen ze ook bij Ans zitten voor een plasstop. De route leidde vanaf de Moezel over wegen die we kenden van onze vorige weekendjes weg. Bij Ürzig zijn we gestopt om onze magen te vullen, het was er prachtig weer en er was veel volk op de been omdat er een rommelmarkt was. Bij de frietwagen waar we een aantal tafels vonden hadden ze nog echte Deutsche platgeschlagene Frikadelle. Voor mij was dit het moment om me te bevrijden van mijn regenbroek die in onder mijn zomerpak geritst had, het begon behoorlijk te broeien, jammer dat Jan dit niet kon, want hij zat daar, vol in de zon in zijn winterpak. Aangezien ik geen geschikte plek vond om mijn broek uit te doen, deed ik dit maar tussen onze motoren. Lucie vond het jammer dat ze dit tafereel niet op foto kon vastleggen, ik en de rest van de mensheid was daar ook niet mee gebaat denk ik. Wat wel interessant was, was een schone dame die haar rokje iets te hoog had opgetrokken waardoor de onderkant van haar billen net niet te zien was. Elk mannelijk lid van MCG had dit al lang gezien, behalve Gerrit. Hij zag het pas toen ze al een eind verderop liep. Ik wist hem te vertellen dat dit vrouwke net langs hem door was gelopen. Gerrit vroeg aan me waarom ik hem dat niet gewaarschuwd had. Ik antwoordde dat ik niet zeker wist of hij daar van hield om zulk schoons te aanschouwen. Daar moest Gerrit toch mee lachen en antwoordde dat ik hem dan slecht zou kennen. Dat moest ik me dan maar in mijn oren knopen.

Niet veel later zijn we dan weer opgestapt om het laatste stuk van de terugreis te aanvaarden. Onderweg natuurlijk wel nog een aantal keren gestopt, voor een plas en tankstop. Bij de allerlaatste tankstop in de Eiffel besloten Linda en Peter om niet meer te rijden naar Jan en Lucie, omdat ze liever direct terug wilden gaan naar de hond die thuis zat, dus werd besloten om de bagagerol op de BMW van Linda te bevestigen. Dat ging uitstekend. Maar toen Linda haar motor wilde bestijgen zag dat ineens minder fraai uit. Het leek een beetje op turnen, een 9 voor de uitvoering, maar een 2 voor de afsprong…..Sierlijk zwierde haar rechterbeen de lucht in, maar schopte zowaar haar bagagerol van haar motor af, waardoor die stond de wankelen op de jiffy. Poging twee was niet veel meer succesvol en uiteindelijk heeft Linda van nog drie mensen hulp gehad om in het zadel gehesen te worden. Daarna zijn we vertrokken voor de laatste kilometers.

Ik denk dat ik voor iedereen mag spreken die op het clubweekend was dat het  weer een geslaagd weekendje weg was!


Raymond